De bowlingbal is volksziekte nummer 1 en dat wordt niet onderkend. De bowlingbal is in haar bedreiging voor de volksgezondheid een ondergeschoven kindje, maar wie zijn of haar vingers erin steekt wordt kind van de rekening. De gaten van de kleinste bowlingbal zijn na een half jaar in gebruik te zijn geweest maarliefst 0,3 mm in diepte afgenomen en zij gaan ruim twintig jaar mee. Ze worden met de jaren volgestort met alles wat er aan duim, wijs- en middelvinger van de primair gebruikte hand kan zitten. Daarbij is bowlen is een sport van de klok: voor aanvang baanhuur moet je je (warme) goeie maat lease schoenen aan hebben en daarvoor of daarna schieten de meeste mensen nog even het toilet in om hun effectieve tijd op de baan er niet door te laten verkorten. De vingers gaan na dit toiletbezoek en alles wat zich daarvoor thuis al heeft afgespeeld ongegeneerd in de bowlingbal, huppekee, hatseflats, erin met die vingers. Je voelt ook nooit bodem in die bal, althans, geen massieve. Je landt altijd in een soort zachte zwarte onzichtbare substantie van je duizenden voorgangers en van je buren op naastgelegen baan. Ik heb ze incidenteel schoenen zien sprayen, maar nooit de gaten van de bal zien desinfecteren, de sportschoolhouders van de bowlingbaan. Het is altijd vlug vlug een paar bitterballen en vlammetjes bij de baan kwakken, die dan achteloos door de klanten met dezelfde drie vingers genuttigd worden en daarna weer met urine, sperma, ontlasting, streptokokken, stafylococcen, gebroken nagels, snot en oorsmeer dankzij het toegevoegde restant frituurvet aan de vingers de bowlingbal weer lekker in glijden. Tis maar wat je Lucky noemt. Strike is het zeker. Bah.
