Ik heb een visje gegeten in Singapore, jazz beleefd in Auckland, the Walk of Fame gelopen in Hollywood, gegokt in Las Vegas en madeliefjes geplukt in San Fransisco, moderne kunst bekeken in Vancouver (en klassieke in Amsterdam), Coca Cola gezocht in Accra, een muntje in de Trevifontein gegooid (en met succes!), ben afgedaald in pyramides in Cairo, heb geshopt in Barcelona, Parijs, Londen en New York City, gelogeerd in Kopenhagen en ben mezelf culinair te buiten gegaan op Guernsey. Maar mijn hart ben ik verloren aan mijn eigen village. Als ik mijn dorpje weer in kom na NYC, hangt de kerstverlichting inmiddels aan de straatlantaarns en zijn de etalages van de groenteboer, de visboer, de bakker en de slager weer in december-stemming getooid. De oliebollenkraam staat weer op het stadhuisplein, en de bloemenman staat weer buiten te kleumen bij de kerstbomen. De warmte overvalt me, het lijkt of ik weken weggeweest ben.
Je kunt mij niet gelukkiger maken dan me na een reis weer in de armen te proppen van degenen die me zo dierbaar zijn, mijn koffer mijn “cottage” met emaille en schapenvacht weer in te sleuren en mijn jas weer op de grote hoop te laten vallen. Op reis weet je exact wie je “meeneemt”. Je voelt daar met wie je wilt delen, aan wie je stiekem nog even denkt als je je hoofd op je kussen legt of iets leuks in de winkel of iets lekkers op de menukaart ziet. Het goede ligt niet ver van je vandaan, het goede is om je heen en in je buurt. Eenmaal door mijn oude voordeurtje komen de knuffelaars om beurten achter mij aan, van jong tot oud, met bloemen en tranen. De koffer met kadootjes gaat open, het espresso-apparaat aan, there’s no place like home. Juul appt of we komen eten. As we ‘s avonds bij haar het erf oplopen, de geiten groeten en de hond sussen, staat de kachel aan. Ketelbinkie is er ook en veel kinderen. De kachel brandt. Het ratjetoe aan antiek servies staat weer gezellig op de tafel en de glühwein walmt in de ons inmiddels vertrouwde blauwe pan op het fornuis. Al snel rollen ons de tranen van het lachen weer over de wangen. OMG wat heb ik ons gemist. Ik hou van reizen maar het beste van reizen is toch wel het thuiskomen.